Implantologie

Een implant is een vervanging voor een tandwortel. Vervolgens wordt hierop een kroon geplaatst om de verloren tand of tanden te vervangen. Op deze wijze kan zowel de esthetiek als de kauwfunctie (het bijten) hersteld worden. Implanten kunnen ook geruikt worden om een hele vaste tandenboog te dragen (een vaste brug) of ook om een uitneembare prothese op vast te klikken zodat die comfortabel en stabiel zit.

Een implantaatbehandeling is een mooi voorbeeld van ‘teamwork’ waarbij de patiënt centraal staat en elk ander teamlid - de algemeen tandarts, de implantaatchirurg en het tandtechnisch labo – zijn of haar specifieke expertise inbrengt.

U krijgt van ons een volledig behandelplan, met een kostenraming en informatie over alle facetten van de behandeling zoals het verloop, de duur, de voorlopige prothese, de eventuele risico’s eigen aan een ingreep en wat u mag verwachten van een implantaatgedragen tandvervanging.

Elke ontbrekende tand is in principe vervangbaar door een implantaat, maar het is niet zo dat er voor elke verloren tand een implantaat nodig is omdat - net als met eigen tanden - er ook bruggen kunnen gemaakt worden.

Niet ingrijpen als er tanden verloren gaan heeft nadelen: naast het verlies aan esthetiek en kauwvermogen kunnen de buurtanden verschuiven en/of uitgroeien.
Tandimplantaten vormen een aanvulling op de traditionele methode van tandvervanging door kroon en brugwerk en hebben het voordeel dat de buurtanden niet moeten beslepen worden.
Het gebruikscomfort van tandimplantaten benadert zeer dicht dat van natuurlijke tanden. De dagelijkse verzorging van tandimplantaten is te vergelijken met die van eigen tanden.

Zodra de natuurlijke tanden verzorgd zijn en het tandvlees gezond is en een behandelplan is gemaakt en door u goedgekeurd kunnen wij aan de implantaatgedragen prothese beginnen met het plaatsen van de nodige implant(en).

U krijgt een lokale verdoving zoals voor de behandeling van een natuurlijke tand en alle maatregelen worden getroffen om de behandeling onder steriele omstandigheden uit te voeren.
Soms dient het tandvlees over een kleine lengte geopend te worden en daar komen dan naderhand enkele hechtingen aan te pas. Soms volstaat het om via een minieme perforatie doorheen het tandvlees te werken, dit heet "guided surgery" en geeft minimale ongemakken.

Tandimplantaten bestaan in alle mogelijke diameters en afmetingen zodat voor elke patiënt en voor elke toepassing een implantaat ter beschikking is.
In verschillende korte stappen wordt het implantaatbed voorbereid en het implantaat geplaatst.
Bij erg zacht bot wordt het implantaat meestal afgedicht met een dekschroefje en wordt het tandvlees erover gehecht. In die gevallen is na de wachtperiode een tweede kleine ingreep nodig om het implantaat terug zichtbaar te maken. De wacht- of integratieperiode geeft het kaakbot de tijd om stevig vast te groeien rond het implantaat en duurt gemiddeld 2 tot 3 maand.

Wist u dat het huidige succesverhaal van tandimplantaten bij toeval begon?

Een Zweedse professor ontdekte in 1953 dat zijn microscooplenzen uit titanium vergroeid waren met het bot van de proefdieren waar ze ingeplant waren. Eigenlijk was hij bezig met onderzoek naar bloedcellen. Deze ontdekking heeft een ware omwenteling teweeggebracht binnen de heelkunde waar tot dan toe werd aangenomen dat het inbrengen van een vreemd materiaal in het bot onherroepelijk leidde tot mislukkingen, zeker in de mond, waar veel bacteriën voorkomen.

Tandimplantaten zijn in de regel toepasbaar vanaf volwassen leeftijd. Een bovenste leeftijdsgrens is er niet.

Sinds eeuwen vóór Christus zijn volkeren uit verschillende beschavingen op creatieve wijze bezig geweest met het terugplaatsen of vervangen van verloren tanden. Men gebruikte artisanale
creaties uit hout, ivoor, koraal, porselein, goud en legeringen. De huidige tandimplantaten vervangen tandwortels en kunnen diverse tandprothesen dragen. Ze hebben de vorm van een
natuurlijke tandwortel maar met een schroefdraad voor een beter contact met het omliggende kaakbot en om de kauwkrachten beter op te vangen.

In het nadeel van implantaten noteren we dat er een chirurgische behandeling nodig is en dat de behandelingsduur langer is in vergelijking met werken op natuurlijke tanden. De kosten liggen hoger dan bij de klassieke tandprothesen, maar een implantaatbehandeling is een goede investering. Het uiteindelijke resultaat oogt en voelt natuurlijk aan. U zou haast vergeten dat u ooit een tand verloor. De levenskwaliteit bij het kauwen, praten en lachen, stijgt na een korte aanpassingsperiode aanzienlijk bij patiënten met een prothese op implantaten.

Ons lichaam vertoont geen afstotingsverschijnselen tegenover titanium. Daarom wordt dit materiaal gebruikt voor zaken als een kunstheup en een pacemaker of na botbreuken waarbij de gebroken delen terug aan elkaar gezet worden met plaatjes en schroefjes uit titanium. Een titanium-implantaat is niet zichtbaar in de mond, want bovenop het implantaat wordt een tand geschroefd of gekleefd met de vorm en de natuurlijke kleur van de ontbrekende tand(en).

Het gebeurt regelmatig dat er onvoldoende bothoogte is, in die gevallen is bothoogte vermeerdering of "augmentatie" een oplossing.
Een gebrek aan bothoogte is te verhelpen door het inwerken van eigen bot en/of kunstbot. Meestal dient men enkeme maanden wachtperiode in acht te nemen om het bot hard en sterk te laten worden, voor de implantaten kunnen worden geplaatst. Botaugmentatie kan meestal onder plaatselijke verdoving gebeuren.

Het slaagpercentage van implanten ligt boven 95%, en de betrouwbaarheid is volgens de statistieken te vergelijken met natuurlijke tanden.
Belangrijke factoren bij het slagen van een tandimplantaat behandeling zijn:
- de moeilijkheidsgraad van de behandeling.
- de kwaliteit (dichtheid) en het volume van het bot.
- de gezondheidstoestand van het omgevende tandvlees.
- het juiste onderhoud door de patiënt,
- de regelmaat van de controle bij de tandarts (net als voor natuurlijke tanden).

Indien na de wachtperiode blijkt dat een implantaat niet verankerd is, wordt het implant terug uitgeschroefd en samen met het ontstekingsweefsel verwijderd.
Drie maanden later kan radiografisch worden uitgemaakt of dezelfde plaats opnieuw in aanmerking komt voor plaatsing van een nieuw implantaat. Zo ja, dan blijft het uiteindelijk beoogde resultaat nog steeds haalbaar

top